Manaslu route

Nepal

land van goden en bergen

Trekking rond Manaslu

 

 

 

Inleiding

 

Een trekking rond de Manaslu is samen met de Makalu- en Dhaulagiritrekking zeker één van de mooiste tochten die men in Nepal kan ondernemen. Dit gebied is nog maar sinds 1992 opengesteld voor het toerisme.Toch heeft het Nepalese ministerie van toerisme aan de trekker een aantal richtlijnen opgelegd om zoveel mogelijk dit maagdelijk natuurgebied te beschermen. Zo zijn er maar een aantal toeristen per jaar toegelaten, verder is men verplicht een verbindingsofficier mee te nemen.

 

Ook de prijs van een "trekkingpermit" ligt stukken hoger dan voor een normale trekking. Men is verplicht om op kerosinevuren te koken maar dat is voor Green Lotus Trekking geen probleem gezien we dit reeds van bij onze start kerosine gebruiken bij het koken. De tocht loopt bij de start door de groene rijstvelden. Vanaf Arunghat Bazar volgen we de loop van de Burhi Khola (Khola=rivier) die gevoed wordt door de verschillende gletsjers van het Manaslu massief. Het hoogtepunt van de tocht wordt zeker de oversteek van de Larkya-la (5.135m). Na de pas volgen we de loop van de Dudh Khola die zich in Darapani in de Marsyangdi werpt, rivier die we tot onze laatste trekkingdag gaan volgen. begin

 

Kaart:

 

 

 

De vertrek- en retourdatum kan je zelf bepalen daarna maken we een offerte rekening houdend met de duur van de tocht en het aantal deelnemers

 

 

 

Moeilijkheidsgraad: zie info moeilijkheidsgraad

 

 

 

 

Vliegtuigmaatschappijen: Qatar Airways, Etihad Airlines en Turkish Airways

 

DAG TOT DAG BESCHRIJVING

 

Heen- en terugreis

 

Voor sommige tochten zijn er meerdere vertrekdata voorzien, hierdoor kan het zijn dat de reizigers vòòr of na de trekking enkele dagen in Kathmandu verblijven. Deze tijd kunnen ze nuttig gebruiken om een bezoek te brengen aan de bezienswaardigheden van de Kathmanduvallei.De dag tot dag beschrijving omvat dus alleen de trekking.

 

DAG 01 - Kathmandu(1.450 m) - Trisuli Bazar (541 m)

 

Een spectaculaire busrit brengt ons naar het vertrekpunt van onze trektocht. Trisuli Bazar ligt op 541 m en het is er dan ook een stuk warmer dan in Kathmandu. De Trisuli Khola levert haar energie af aan de middelgrote waterkrachtcentrale die gebouwd werd met de steun van India. De kampplaats ligt even buiten de dorpskom, vlabij een militaire post.

 

DAG 02 - Trisuli Bazar (541 m) - Baran Gurun (995 m)

 

In de voormiddag volgen we rivierbedding van de Somrie Khola richting BAUA, een nederzetting met vele kleine huizen. We klimmen naar een plateau richting RAXUN BAZAR. We trekken door verschillende kleine dorpen zoals, Ghorakki, Shiraune Bash en Kaple Bash. Snel verdwijnen de landbouwgronden en droogt de rivier op. We krijgen onze eerste pas te verwerken, maar gans het pad is geflankeerd door vele theehuisjes. Wanneer we het dorpje Jor Chautara doorlopen is onze kampplaats niet meer veraf.

 

DAG 03 - Baran Gurun (995 m) - Charanphedi (650 m)

 

Na het oversteken van de rivier gaat het steil omhoog langs een stenen trap. Verder gaat het langs een winderig bergpad naar het Tamangdorp Tharpu. Een klim van een vijftal minuten brengt ons in Tharpu Bhanjyang met zijn winkel waar men zowat alles kan vinden. Het volgende dorpje is Boktani. Weer gaat het omhoog naar Col Bhanjyang. Deze dag wordt vooral bepaald door een laag gebergte en door vruchtbare valleien. Het dorp Katunche iets groter dan de andere dorpen heeft een post en een bankkantoor. Bij de afdaling, naar onze in de velden gelegen kampplaats, passeren we het plaatsje Charanki Pauwa. Het woord Phedi komt veel voor in plaatsnamen en betekent "halfweg"

 

DAG 04 - Charanphedi 650 m) - Arugat Bazar(530 m)

 

We verlaten het dorp langs een smal pad, doorwaden een kleine rivier, en steken de kleine Achani Bhantyang over (Bhanjyang = pasovergang). We bereiken de linker oever van de Ankhu Kholan (Khola = rivier). Na het oversteken van een wiebelende hangbrug komen we in Kale Sundhara bazar. Onze tocht gaat verder door de tropische velden naar de dorpjes Gaili Chautara en Hansi Bazar met zijn theehuisjes en winkeltjes. De streek die we vandaag doorlopen wordt gekenmerkt door zijn vele rijst-terassen en velden.Het einddoel vandaag is ARUGHAT BAZAR het grootste dorp in de Burhi Gandakivallei (gandaki=rivier). Er staan huizen aan beide zijden van de rivier. Een hangbrug verbind beide zijden van het dorp. Ook hier vinden we een bank en een school.

 

DAG 05 - Arughat Bazar (530 m) - Soti Khola (880 m)

 

Van Arunghat Bazar gaat het langs de boorden van de Burhi Gandaki, rivier die we zullen volgen tot bij haar onstaan in de streek van de Cho Danda en de Larkya La. Door de tropische velden komen we in Mordar. Van Simre lopen we gewoon in de rivierbedding tot Arket. In moessontijd is dit pad niet te gebruiken. We steken de Arket Khola(khola=rivier) over, kruisen een dorp met één theehuis en zwerven verder door de vruchtbare velden. De rivieren volgen mekaar op, nu staan we weer bij de Asma Khola die we oversteken en klimmen verder tot het plaatsje Kyoropani. (pani = water) Verder komen we bij de samenvloeiing van de Soti Khola en de Burhi Gandaki. Gezien er verder geen geschikte kampplaatsen zijn zullen we hier noodgedwongen onze tenten moeten opslaan.

 

DAG 06 - Soti Khola(880 m) - Machha Khola (890 m)

 

We dalen af tot de rivierbedding en stijgen weer tot Almara. Het pad slingert zich door een beboste berghelling en komt langs de dorpjes Riden en Riden Gaon. Beide rivieroevers van de Burhi Khola worden steile hellingen en het pad gaat op en neer. De eerste velden zijn een sinjaal dat we in Lapbesi zijn aangekomen. We dalen nu verder af naar de witte rivierbedding van de Burhi Gandaki. Op het einde van deze zanderige rivieroevers stijgt het pad richting Kanigaon. En weer gaat het op en af, op sommige plaatsen hebben we een prachtig zicht op de witte stranden van de Burhi Gandaki. En onze karroussel gaat verder, het theehuis gelegen nabij de Machha Khola is een welkome rustplaats. We bivakeren in een van de velden naast de rivier.

 

DAG 07 - Machha Khola (890 m) - Jagat (1.350 m)

 

We steken de rivier over en lopen een tijdje in de bedding. Wanneer we het dorp verlaten merken we dat ook hier de landbouwgronden ophouden. de grond is arm. We steken de gezwollen Tado Khola over en naderen het dorpje Kholabensi dat maar acht huizen telt. Verder gaat het langs de boorden van de Burhi Gandaki die nu haar weg baant tussen steile rotswanden. Het volgend plaatsje heet Tatopani (Tato=warm - Pani=water) De naam spreekt voor zichzelf, hier zijn dus warmwaterbronnen. Weer steken we de rivier over en via een bospad bereiken we Doban met zijn theehuisje. We steken de Doban Khola over en wanneer de Burhi Gandaki een zwenk naar rechts neemt zorgen verschillende stroomversnellingen voor een indrukwekkend spektakel. Weer gaat het omhoog en wanneer de stroomversnellingen onder ons ophouden ondergaat het landschap een komplete gedaanteverwisseling. De vallei verbreedt en de Burhi Gandaki slingert zich als een slang door het dal, een zandstrand achter zich latend. Na het oversteken van de Yaru Khola en na het doorkruisen van het bos komen we aan de voet van de hangbrug van Lauri. We steken de brug over, klimmen een tijdje omhoog, om even later weer af te dalen tot de boorden van de rivier. Door de velden bereiken we Jagat waar we ons moeten melden bij een kontrolepost. Dit is het laatste dorp met een winkeltje.

 

DAG 08 - Jagat (1.350 m) - Pangsing (1.500m)

 

Een stenen trap leidt ons naar de brede rivierbedding. Even buiten het dorp steken we een rivier over die gevormd wordt door de samenvloeiing van de Bhalu- en Pangaur Khola. Onze weg gaat verder langs de boorden van de Burhi Gandaki, langs de terassen klimmen we verder op tot Saguleri. Vanuit deze kleine nederzetting is het mogelijk de toppen te bewonderen van de Sringi Himal (7.177m). Zonder verdere moeilijkheden gaat het naar Sirdi Bash. Na Gato Khola wacht ons weer de zoveelste hangbrug. Na de brug splitst de weg, rechts gaat het naar de Ganesh Himal. Even verder komen we in Pangsing waar we onze tenten opslaan.

 

DAG 09 - Pangsing (1.500m) - Deng (2.600 m)

 

Wij volgen de rivier in noord-noordoostelijke richting maar even voorbij Seirishon Gaon wacht ons weer een wiebelende konstructie die men een hangbrug noemt. De vallei wordt al maar smaller en de rivier wringt zich tussen de steile rotswanden. Na de brug over de Chhulung Khola stijgen we ongeveer 100m, trekken door een bos en vanaf de zeldzame open plekken zien we aan de overzijde de Shar Khola met veel gedruis naar beneden donderen. Wij volgen een tijd de centrale as van de vallei, steken over naar de linker oever om na een 30-tal minuten weer van kant te wisselen. De Burhi Gandaki stroomt nu door een smalle gang, wanneer zij er nogmaals een zusje bijkrijgt met de naam Deng Khola hebben we bijna ons doel van vandaag bereikt. Na onze laatste brug komen we bij een kleine nederzetting bestaande uit een viertal huizen, dit is Deng

 

DAG 10 - Deng(2.600 m) - Ghap (2.095 m)

 

Een kronkelend pad brengt ons naar de rivierbedding. De door de rivier uitgesleten steile en rotswanden deinen langzaam uit en worden als het ware opgeslokt door de omliggende heuvels. Na de zoveelste hangbrug volgt een steile klim naar het plaatsje Lana. En het gaat weer aan een gezapig tempo verder omhoog. Het dorpje Unbae begroet ons met een stenen ingangspoort en enkele prachtige manimuren. Al het klimmen was weer een moeite voor niets want na het dorp gaat het weer naar beneden richting rivier. Onderweg kunnen we eventueel een ijskoud stortbad nemen onder een spetterende waterval. En na deze verfrissing kan men zich weer het zweet in de schoenen lopen naar de hogergelegen terassen van het dorp Bih. En zoals gewoonlijk na een dorp komt een brug; ditmaal over de Bihjam Khola. Het door manimuren afgeboorde pad gaat nog steeds bergopwaarts. Na een kleine nederzetting naderen we terug de boorden va de Burhi Gandaki. Bouwland en een stenen ingangspoort zijn een sinjaal dat we het dorp GHAP naderen. Men waant zich in en Tibetaans dorp. Dit is echter niet zo onlogisch, de Tibetaanse grens is niet zo ver af. De huisjes zijn gebouwd rondom de bruggehoofden van de Burhi Gandaki. We bivakeren op de grasvelden nabij de ingang.

 

DAG 11 - Ghap (2.095 m) - Lo (3.150 m)

 

We steken de houten brug over naar de rechter rivieroever. Het pad wordt als het ware afgeboord met een huizerij, hier en daar onderbroken door landbouwgronden. Aan de andere zijde werpt de Tom Khola zich in de rivier. Na een lange manimuur duiken we in een bosrijke zone; komen voorbij Lumachik met enkele huizen en weer een houten brug over de Burhi Gandaki kloof. Na een 15 minuten klimmen door een bos komen we bij de zoveelste brug die ons weer naar de rechteroever brengt.Door een bos dalen we naar de checkpost van Namru; na een korte wandeling komen we bij grasvelden; links van ons stort een waterval zich in de diepte. Paarden en koeien grazen in de weiden nabij Bengsam. We klimmen weer een eindje en wandelen door de stenen ingangspoort van Li; steken de Hinan Khola over die gevoed wordt door de Lidanda gletsjer; we stijgen verder komen door de stenen poort van Sho; een tiental minuten later hebben we een prachtig zicht op de Naike Peak, Manaslu Noord en uiteindelijk de Manaslu zelf. Het gaat verder bergop midden huizen en landbouwgronden om even voorbij een bron LO te bereiken een groot dorp met huizen en omwalde velden. Wanneer U omkijkt ziet U de Ganesh Himal op het einde van de vallei onder U. We bivakeren bij de bron aan de ingang van het dorp.

 

DAG 12 - Lo (3.150 m) - Sama Gompa (3.500 m)

 

We verlaten het dorp langs een lange manimuur; steken de Damonan Khola over en volgen de rivier met Peak 29 (7.835m) voor ons; de Shara Khola komt van rechts. We volgen een vijftal minuten deze rivier tot bij een wegsplitsing; de hoofdweg gaat rechtdoor over de richel naar Sama. Het linker pad gaat omhoog en via Honsansho Gompa bereiken we de Pungen gletsjer. Door het prachtig zicht op de Peak 29 en de Manaslu loont deze omweg de moeite. Snel bereiken we de kleine stenen hutten van Kyubun. De laterale moreen van de Pungen gletjer brengt U naar Ramanan Kharka. We dalen verder af tot bij een Chorten. Na een kleine afdaling vervoegen we terug het hoofdpad. Na een tijdje naderen we het dorp Sama omringt door weiden en aardappelvelden.We vervolgen nog een 30-tal minuten onze weg en slaan onze tenten op in de weiden van Sama Gompa.

 

DAG 13 - Sama Gompa(3.500 m) - Guest House (4.450 m)

 

We wandelen op een hoogplateau langs een, op een richel gelijkend, moreen die uiteindelijk uitloopt in de Burhi Gandaki. Deze rivier onstaat uit het smeltwater van de Manaslu gletsjer. Zij die nog genoeg konditie hebben kunnen links afslaan om na een uurtje bij een ijskoud meer te komen. Wanneer U echter verder loopt door de graslanden langs de rivier komt in Kermo Kharka en zijn uniek uitzicht op de Manaslu. Onze volgende stop is Kermo Manan met zijn lange manimuur. Wanneer de brede vallei stilaan versmalt zoekt ons pad een weg een aantal meters boven de afgeslankte rivier. Snel moet U echter terug afdalen naar de rivier, na de zoveelste oversteek beklimmen we een terrasvormige berghelling aan de andere oever. Weer gaat het door een stenen poort. Na de poort komen we in Somdu, het meest afgelegen en laatst permanent bewoond dorp van de streek. Hier leven, verspreidt over een veertigtal huizen, een 200-tal mensen in barslechte omstandigheden. Na even gepauseert te hebben gaat onze reis verder door de stenen poort aan het einde van het dorp. Even later komen we bij de Gyala Khola. Na het oversteken van twee rivieren duikt in de verte de Larkya gletsjer op. De Sarka Khola wijst ons de weg naar Guesthouse. Het wordt onze hoogtste slaapplaats.

 

DAG 14 - Guest House (4.450 m)

 

Voor sommigen wordt dit een welgekomen rustdag. Tijd om een beetje orde te scheppen, we zijn uiteindelijk al 13 dagen op stap. Zij die hun konditie nog willen bijschaven kunnen nog wat hogerop trekken. Het is altijd verstandig om op deze hoogte tijdens de aanpassingsdag even hogerop te trekken om daarna op dezelfde hoogte te overnachten.In ierder geval wees op uw hoede voor de hoogteziekte.

 

DAG 15 - Guest House (4.450 m) - Larkyaas (5.135 m) - Tanbuche (3.900 m)

 

Een korte klim vanuit het "Guesthouse" leidt ons naar een door erosie ontstane vallei waar in de verte de Cho Danda opduikt. We stijgen langzaam verder op, stilaan ontsluit zich de unieke vorm van de Larkya Peak. Wanneer de vallei ophoudt stappen we over een vlakke gletsjer met voetpaden. Het gaat maar verder omhoog en het wordt zelfs monotoon als gedurende een lange tijd het terrein plat verder loopt.

 

Op het einde gaat deze zachte helling over naar een steile klim die leidt naar de Larkya la (5.135m) In westelijke richting hebben we een prachtig zicht op de Himlung Himal (7.126m), Cheo Himal (6.820m), Gyaji Kang, Kang Gulu (7.010m) en Annapurna II (7.937m) De westzijde van de pas gelijkt in het geheel niet op de oostzijde, het wordt een met sneeuw bedekte en steile afdaling. Na de sneeuw gaat het over een rotsachtige bodem om snel terecht te komen in een uitgeschuurde vallei. Na een korte afdaling tot Larcia komen we bij een berg Pangal genaamd en gelegen aan de overzijde van de gletsjer. Van Larcia dalen we verder af naar een dakloze hut. Deze plaats heet Tanbuche.

 

DAG 16 - Tanbuche (3.900 m) - Karche (2.785 m)

 

Bij de afdaling vanuit Tangbuche heeft men een mooi panorama op de westzijde van de Manaslu (8.163m) en de Phungi (6.398m), we naderen Bimtang gelegen in een wijdse uitgeschuurde vallei. Vanuit Bimtang, met zijn manimuren en verlaten huizen, beklimmen we de laterale morenen. Na een korte afdaling eindigen de morenen en we dalen af naar de rivier. We volgen de Burdin Khola tot bij het basiskamp van de Manaslu. Vanop een op 4.160m hoogte gelegen richel hebben we een prachtig zicht op de westflank van de Manaslu, de Manaslu Nord Peak (7.154m), de Annapurna II en de Lamjung Himal (6.893m). We vervolgen onze weg langs de rivierboorden, steken via een houten brug de Dudh Kosi over en beklimmen weer een lateraal moreen. We dalen verder door een prachtig rhododendronbos tot Hampuk.

 

Een grot dient als schuil- en kampplaats. We vervolgen onze weg door het bos. Wanneer het bos even ophoudt hebben voor de laatste maal een prachtig zicht op de onvergetelijke westflank van de Manaslu. We blijven nog een tijdje in het bos en volgen op afstand de rechteroever van de Dudh Khola tot Sangura Kharka met enkel een schuilplaats voor herders. Met de Manaslu Nord Peak en Larkya Peak in de rug gaan we verder langs de rechteroever van de rivier. We kruisen de van rechts komende Surki Khola en volgen de rivier tot de eerste velden ons erop wijzen dat we aangekomen zijn in het eerste kleine dorp op de Dudh khola nl. Karche.

 

DAG 17 - Karche (2.785 m) - Tal(1.707 m)

 

Zij die dachten dat het klimmen voorbij was hebben het verkeerd voor, want onze tocht begint met een "killer in the morning". De weg brengt ons naar de Karche La, en zoals bekend betekend "la" pasovergang. Eens over de pas gaat het door de velden tot Goa. We volgen, langs een langzaam dalende weg, de rechteroever van van de Dudh Khola tot bij Tilije. Dit dorpje telt een veertigtal huizen. Na het dorp vervoegen we de linkeroever langs een houten brug. En weer dalen we, wat logisch is gezien we vandaag 1.000m moeten dalen. Voor Thonje steken we weer de rivier over. De houten brug is overdekt, het dak wordt gevormd door mekaar overlappende houten plankjes. Vele huizen hebben dezelfde dakbedekking. In Thonje moeten we voorbij een "Checkpost" en weer moeten de permits bovengehaald worden.

 

Het dorp ligt op de samenvloeiing van de Marsyandi Khola en de Dudh Khola. Na de volgende brug en een korte klim vervoegt ons pad de "Around Annapurna" of "Manang" route. We volgen nu een tijdje de rechteroever van de Marsyandi Khola. Bij Darapani (1.860m) worden we weer gecontroleerd. Een tijdje na dit dorpje veranderen we terug van oever en zakken af tot Tal. Zowel in Tal als in Darapani vinden we verschillende theehuizen en hotels. "Hotel" is wel een groot woord voor deze kleine en primitief ingerichte overnachtingsplaatsen. Als de trip tot Tal te lang uitvalt kunnen we eveneens overnachten in Darapani.

 

DAG 18 - Tal (1.707 m) - Jagat (1.290 m)

 

Vanaf hier heeft men de indruk terug in de bewoonde wereld te zijn terechtgekomen. We kruisen meer en meer trekkers die nog niet lang op weg zijn en er waarschijnlijk nog erg netjes uitzien. Ook de theehuisjes zijn goed bevoorraad zodat zij die er behoefte aan hebben weer kunnen overschakelen naar hun westerse frisdranken. De Marsyandi Khola die ontspringt in het Tilitso meer baant zich een weg naar beneden. Een gedeelte van haar energie wordt op haar benedenloop omgezet in electriciteit. Het is spijtig dat deze goedkope en niet vervuilende energie niet meer wordt aangewend in dit land. De ontbossing en voortschrijdende polutie van de Kathmanduvallei zou op deze manier vlug worden opgelost. Vandaag stellen we onze tenten op in JAGAT, een dorp gelegen op een klein plateau met diep onder haar de kolkende Marsyandi Khola.

 

DAG 19 - Jagat (1.290 m) - Khudi (784 m)

 

Bij het verlaten van het dorp komen we langs een bron. Even de drinkbussen vullen met fris water, maar vergeet niet het water te ontsmetten voor komsumtie. En water zullen we kunnen gebruiken want de weg daalt maar verder af en het wordt al maar warmer. KHUDI onze bivakplaats van vandaag heeft haar naam ontleent aan de Khudi Khola. Khudi ligt aan de voet van een hangbrug over de Khudi Khola. In KHUDI waren vroeger geen hotels maar dit kan intussen al ge‘volueerd zijn. Vanuit KHUDI hebben we een prachtig zicht op de Manaslu en Peak 29.

 

DAG 20 - Khudi (784m) - Bhote Odar (720m)

 

Het wordt vandaag vroeg uit de veren voor onze laatste trekkingdag. De weg loopt langzaam dalend door de mooie rijstterrassen en de met riet bedekte huizen van de GURUNG dorpen. Een van de grootste problemen vandaag zal vooral de zon zijn die, in deze laaggelegen dalen ongenadig heet kan zijn. Gelukkig is de rivier niet veraf. Het is gebruikelijk dat de laatste avond van de trekking een afscheidsfeest wordt georganiseerd. s'Avonds leggen de Sherpa's een groot zeil open, hierop kunnen dan de deelnemers alle zaken deponeren die ze niet wensen mee terug te nemen naar huis. Alles is bruikbaar, kleren, snoep, bolpennen, pantoffels enzovoort. De Sirdar of hoofdsherpa zal alles in evenredige hoopje verdelen en verloten onder zijn mensen. Dit gebruik ontstond bij de eerste grote expedities en werd door de trekkinggroepen overgenomen.

 

DAG 21 - Bhote Odar (720m) - Kathmandu (1.400m)

 

Hopelijk zit U niet met een kater van vorige avond want het wordt een fikse busrit naar Kathmandu. Het gedeelte van Bhote Odar naar Dumre wordt waarschijnlijk afgelegd met een vrachtwagen. De weg is inderdaad alleen berijdbaar met vrachtwagens. Hopelijk hebben we niet teveel lekke banden en houdt de motor stand Vanaf Dumre gaat het per bus. Het zal nog een lange tocht worden en iedereen zal gelukkig zijn als hij terug in zijn hotel een heerlijk bad kan nemen.

 

begin

 

Terug lijst trekkingen